KIBON

Het was 31 december 1970. Ik was als een van The 4 Crocksons, een legendarisch acrobatennummer waar Bassie & Adrina Produkties b.v. zich nu een ongeluk naar zoeken als ze weer een circus televisieshow moeten produceren, werkzaam in Theater Olympia in Saõ Paulo (Brazilië).

En op die 31ste december liep ik met mijn vrouw, die meewerkte in de act, en mijn dochter, die een jeugd had van het ene hotel in het andere, te wandelen in de Duke de Casias, een van de grote avenue's van deze toen al 10 miljoen inwoners tellende metropool, toen ik een jongen ontwaarde die stond te huilen dat het een lieve lust was. Zijn gerafelde T-shirt was nat van de tranen en op het voor hem, van piepschuim gemaakt, staande kistje begon alreeds een kleine plas van oogvocht te vormen. Het duurde 5 minuten voordat onze licht-chocolade gekleurde vriend van circa 9 jaar er met horten en stoten uitbracht; Hij was ijsverkoper van het merk KIBON.

In Brazilië beginnen miljonairs in spé niet als krantenjongen maar als ijsverkoper. Ze worden dan met een kistje vol lolly's, met een verkoopwaarde van f 12,50. de straat opgestuurd en leuren zich het apezuur want de fabriek neemt geen gesmolten waar terug en er moet bij het vullen van het kistje betaald worden. Zeer slim van die fabriek dus en deze jongens vechten letterlijk om de klandizie. Over hard saling gesproken.
Goed, terug naar ons huilende wereldwonder, want die gozer leek wel een soort Braziliaanse manneke pis maar dan met zijn ogen. Hij horte en stote eruit dat hij door drie jongens in elkaar geslagen en van zijn poen en ijs beroofd was en hij durfde niet terug naar zijn moeder ( vaders zijn door de aldaar anders heersende zeden vrij zeldzaam) omdat er dan een pak op zijn donder in het verschiet zat waar het pak slaag van zijn rovende 'vriendjes' maar een lachertje bij zou lijken.

Nou kom ik zelf uit een gezin waar we vrijdag 's middags altijd lege flessen terugbrachten en voor het geld busworst mee moesten nemen die dan op de droge boterham ging, want pa kwam pas zeven uur thuis van de haringkuiperij met het loonzakje, dus wij voelden meteen een soort sociale band met onze kleine zakenman die het slachtoffer was van wat men nu kleine criminaliteit noemt maar wat voor hem een ramp betekende in de categorie van de Titanic etc, etc.
In mijn gedachte flitste een jeugd herinnering op die ik als jongen van 14 jaar beleefde toen ik als krantenjongen van het Algemeen Dagblad eens voor schut ging bij een vrouw die beweerde dat ze met f 25,--. betaald had terwijl ik zeker wist dat ik f 10,--. ontvangen had en zodoende een week voor niks de krant kon wegbrengen. Het Algemeen Dagblad is overigens een goede krant maar heeft voor een krantenjongen de nare eigenschap als ochtendkrant uit te komen dus een week lang om vier uur voor niks je bed uitkomen is niet niks.

Ik aarzelde dan ook geen moment en vroeg hoe groot de schade was (het was omgerekend f 12,50.) om vervolgens voor 50% mee te gaan in het verlies en gooide met het Hollanders eigen royale gebaar 20 cruzeiros in het kistje, mijn dochter van zes opende haar portemoneetje en gaf ook 2 Cruzeiros en ook mijn vrouw haar beurs ging open en vijf cruzeiros dwarrelden in het piepschuim. Een besnorde Braziliaan vroeg 'Was ist los?' (op z'n portugees dan) en vrolijk met zijn ogen draaiend floepte hij tien cruzeiros in het kistje van onze vrolijke, nee wat zeg ik, huilende bruine zakenman.

Weer een voorbijganger, zelfde story, floep weer tien cruzeiros, nog een, bingo! er kwam een deftige dame voorbij, knipje open en één cruzeiro in het plastic. Weer een loei van een huilbui en nog een potige neger, bam! weer vijf cruzeiros in de kist en langzamerhand vulde het piepschuim kistje zich gestadig met poen onder het sonore gehuil van ons klein huilende wonderkind. Huilend nam hij afscheid, zijn plastic brandkast onder zijn arm geklemd en met een blik op zijn kletsnatte T-shirt mompelde ik nog 'Feliz año neuvo', wat zoveel als gelukkig nieuwjaar betekent.

In de kleedkamer van het theater vertelde ik het aan mijn broer Adriaan en Richard Ross, die ook met ons op tournee was, en ook onze braziliaanse impresario zei met een grijns op zijn snuit, terwijl hij zijn rechterhand over zijn hart streek, 'Sebastiaan, es Brazil! Con corazon.' Oftewel dit is nou Brazilië met hart. Met een gerust hart ging ik het nieuwe jaar in, ik had tenslotte zoveel goeds gedaan in het oude en vierde het oud en nieuw in Brazilië met alles erop en eraan, plus de andere dag een kater waar Felix U tegen zou zeggen.

Ik was het gehele voorval al vergeten toen ik een paar dagen later door een andere avenue liep, waarvan ik de naam nu kwijt ben, want de clown is tenslotte ook al 56, toen eerst mijn oor en daarna mijn oog een kleine huilende negerjongen ontwaarde die voor zijn piepschuim KIBON kistje stond te huilen dat het een lieve lust was. Onze blikken kruisten elkaar en als door een fee aangeraakt stopte de huilmachine hij greep zijn alreeds half gevulde piepschuim geldmaker en verdween in de menigte, mij en mijn vrouw met tranen in de ogen van het lachen achterlatend, want we hadden hem door, hij verkocht geen ijs hij verkocht leed, treurnis en droefenis.

Wat een handel, hij verkocht het en op de volgende hoek van de straat had hij het weer. Wat een zakenman....!, wat heet zakenman, een artiest...! Daar stond een Shylock, een Ko van Dijk van negen jaar, daar stond een acteur op de tegels waar Henk van der Meijden een week de Telegraaf mee zou kunnen vullen. Daar stond Sammy Davis die de toekomst al bijna achter zich had.

Ik weet het zeker, het gehele voorval is nu al zesentwintig jaar geleden gebeurd maar ergens in Rio, Curitiba of Saõ Paulo staat een bruine entertainer op de bühne en staat zijn naam groot op de gevel van het theater of zit er ergens een bruine jongen met dikke ringen achter de computer de inkomsten te tellen van zijn zakkenrollers organisatie of is er ergens een naamloos graf van een kleine bruine jongen die met zijn huilshow net even het verkeerde publiek trof en een mes tussen zijn magere ribben kreeg inplaats van een lachsalvo zoals van ons, maar een ding staat vast: Ik ben 35 jaar artiest voor mijn brood en heb als acrobaat en als Bassie de Clown in 18 landen gewerkt en heb mij altijd zo duur mogelijk proberen te verkopen maar dit wonderkind blijft mij altijd in mijn geheugen als de beste acteur/entertainer maar bovenal zakenman die ik ooit in mijn leven heb ontmoet, wat een talent.....!!!

Viva Brasil con corazon.

© Bas van Toor